Wat als Maarten van der Weijden in de zorg had gewerkt?

Geschreven door Gerry de Valk
Gepubliceerd op 20 november, 2020

We zouden het denk ik heel raar vinden als tegen Maarten van der Weijden was gezegd toen hij de Elfstedentocht zwom:

‘Nee Maarten, jij kunt wel vinden dat een je elk half uur iets moet eten en drinken maar dat gaan we niet doen hoor. Iedere 2 uur is meer dan voldoende’

Of

‘Ik snap dat je het liefste die dure wetsuit wilt met een extra ritsje voor de ontlasting, maar we gaan het eerst maar eens proberen met die goedkopere. Dan maar iets minder comfortabel’

Zou wat zijn.

Volgens de commissie Werken in de zorg is dit wel wat gebeurt in de zorgsector.

In het rapport Behoud en betrokkenheid van zorgprofessionals dat de afgelopen week verscheen, wordt een beeld geschetst van een sector waarin modern werkgeverschap ver te zoeken is.

Zorgprofessionals moeten productie te leveren en zo efficiënt mogelijk werken.

Charlie Chaplin in de film Modern Times is er een lachertje bij, zou je zeggen.

Terwijl, zegt de commissie: zorg is topsport maar de medewerkers worden niet als zodanig behandeld.

Het is een boeiend rapport en voor de liefhebber, als je wilt dan kun je ‘m hier lezen.

Er staan ook een aantal interessante inzichten in het rapport over de positionering van HR.

Zo wordt de overweging meegegeven om de HR-directeur een bijzondere positie te geven. Eén waarin de HR-directeur nauw samenwerkt met de bestuurder, maar ook een zelfstandige, onafhankelijke verantwoordelijkheid kent met indien nodig een eigen ‘lijn’ naar de Raad van Toezicht.

Ook wordt nadrukkelijk benoemd dat bestuurders verantwoordelijk zijn voor de visie op mens en organisatie, het invullen van goed werkgeverschap en de HR-functie. Die thema’s moeten hoog op de agenda van de bestuurder staan.

Hoger dan nu het geval is.

In die visie formuleren bestuurders antwoorden op vragen als: wat is onze maatschappelijke opgave als organisatie? Welke zorg willen wij daarom op welke manier bieden nu en in de toekomst? Wat zijn de consequenties voor ons primair proces? Wat vraagt dit van onze zorgprofessionals? En hoe geven wij invulling aan modern werkgeverschap om dit waar te maken?

Bovendien heeft corona volgens de commissie laten zien dat HR-instrumenten vaak als los zand worden ingezet. Er zijn allerlei instrumenten ingekocht en ingezet maar van een visie op mens en organisatie ontbreekt ieder spoor.

Een jaarlijks ritueel van functioneringsgesprekken terwijl er weken werk in gaat zitten en iedereen erover moppert, moet je dat nog willen? Alleen maar ‘omdat we dat altijd zo doen?’

Leidinggevenden hebben vaak geen idee wat ze moeten met al die HR-instrumenten.

Een probleem wat overigens niet alleen tijdens corona maar ook al lang daarvoor speelde.

Het wordt tijd dat zorgorganisaties een kwalitatief betere visie ontwikkelen op mens en organisatie. Je komt niet meer weg met een paar nietszeggende clichés en oneliners. Het kan, maar dan moet je niet klagen dat het zo lastig is om talent aan je te binden.

HR niet langer als een administratief en instrumenteel georiënteerde afdeling maar een afdeling van professionals die goed werkgeverschap meer tot werkelijkheid maken, is het pleidooi van de commissie.

Werken in de zorg is topsport. Dat vraagt om een klimaat waarbinnen mensen ook op topsport niveau kunnen presteren.

Afhankelijk van jouw rol, hoe zou jij je topsporters beter kunnen faciliteren?