7 lessen over werk die ik mijn pubers wil vertellen, maar ze zelf moeten ontdekken

7 lessen over werk die ik mijn pubers wil vertellen, maar ze zelf moeten ontdekken

Er zijn van die dingen die je leert met de jaren. Met de wijsheid van nu denk ik soms: had ik die dingen maar geweten toen ik jonger was.

In het dagelijkse leven – lees: Voor Corona –  zie ik onze pubers dingen doen waarvan ik al bij voorbaat weet dat het niet de juiste beslissing, stap of reactie is. Maar ja, sommige dingen moet je eerst zelf ervaren om er je voordeel mee te kunnen doen.

1.     Doe nooit nieuwe schoenen aan voor een sollicitatiegesprek 

Voor mijn eerste, echte, officiële sollicitatiegesprek had ik nieuwe kleren gekocht. Ik wilde natuurlijk wel een beetje als vrouw van de wereld voor de dag komen. Bij die nieuwe kleren hoorden ook nieuwe schoenen. Pumps om preciezer te zijn. Met een hakje.

Ik was net student-af en moest met het openbaar vervoer naar het sollicitatiegesprek. Eenmaal aangekomen op het treinstation, bleek de locatie waar het gesprek zou plaatsvinden best wel een eindje lopen. Zeker op nieuwe pumps met een hakje. Strompelend liep ik het gebouw binnen.

Voordat het gesprek zou beginnen, heb ik eerst een toilet opgezocht. Daar kwam ik er achter dat de blaren die ik inmiddels op mijn hakken had, waren gaan bloeden. Alles zat er onder. Een beetje provisorisch heb ik de boel schoongemaakt. Om tijdens het gesprek vooral te hopen dat niemand iets zou zien.

Na het gesprek liep ik zo fier mogelijk de deur uit. Eenmaal de hoek om heb ik de pumps uitgetrapt en ben ik op blote voeten naar het station gelopen. By the way, ik werd aangenomen.

Onze pubers hebben inmiddels de nodige sollicitatiegesprekken achter de rug. Van korte gesprekken bij een tuinder (“Kun je morgen beginnen?” “Euh ja, ik denk het?”) tot een serieuze selectieprocedure met meerdere selectierondes. Vaak met succes, soms moesten we de afdeling nazorg aan het werk zetten. 

2.     Werk is leuk. Echt. 

Mijn loopbaan is op mijn 13e begonnen achter de kassa bij de Centra supermarkt. Het hele dorp kwam langs deze kassa. Het was hard werken maar het was vooral heel gezellig. Ik maakte er vrienden, ik leerde wat het betekent om voor een baas te werken en ik kreeg iedere zaterdagmiddag een klein bruin loonzakje waar 32,50 in zat. Guldens hè?

Van alle banen die ik sindsdien heb ik gehad, heb ik veel geleerd. Wat ik leuk vind om te doen, wat ik goed kan, waar ik echt de schurft aan heb en met wie ik goed en niet zo goed kan samenwerken. Werk geeft me voldoening en het gevoel van betekenis te zijn.

Een vroege werkdag van één van de pubers kent vaak een hoop rituelen. De wekker gaat. Gemopper en een harde klap. Het wordt weer stil. De wekker gaat opnieuw. Het gemopper gaat over in een scheldkannonade. Het wordt weer stil. Tijd voor vaders of moeders om te gaan kijken. Wat ons WTF mankeert om nu al te roepen. Maar ja, werk hebben betekent op tijd komen. En werk is leuk. Sure. 

3.     De slavernij is afgeschaft 

Leven is loslaten, werken is ook loslaten. Natuurlijk is doorzetten belangrijk maar niet ten koste van jezelf. Ik heb mezelf inmiddels een aantal keren ontslag gegund. Omdat ik mijn werk niet meer leuk, interessant of uitdagend genoeg vond. Ik liep leeg op werk waar ik voorheen een uitdaging in zag. Als het voorbij is, zeg dan vriendelijk gedag en ga verder. Niemand dwingt je om te blijven zitten waar je zit.

Onze jongste schreef een aantal maanden gelden zijn eerste ontslagbrief. Hij had het in zijn brief over openstellen voor een nieuw avontuur, nieuwe uitdagingen en andere omstandigheden. Ik heb hem er oprecht niet bij geholpen, het was zijn eigen tekst. 

4.     Falen hoort erbij 

Tijdens mijn werk bij de Centra ben ik één keer ’s avonds gebeld met de vraag of ik enig idee had waar het kasverschil vandaan kwam. Ik heb vervolgens de hele nacht niet geslapen. Ik weet het nog steeds terwijl het al heel lang geleden is.

Daarna heb ik nog heel vaak heel veel dingen fout gedaan, niet goed ingeschat en ben ik vaker dan me lief is glorieus op mijn smoel gegaan. Vervelend? Absoluut. Maar hoe had ik anders kunnen leren?

“Beter zeg je nu even niks”. Meestal hoor ik zo’n soort opmerking als ik met goedbedoelde adviezen wil komen over fouten maken en dat het er gewoon bij hoort. Beter zeg ik dan even niks. 

5.     Geloof in je talenten en in jezelf

Iedereen heeft talenten. Wat anderen ook zeggen of vinden, laat je niks wijsmaken. Hoe goed bedoeld ook. Met alleen talent ben je er niet, je moet er ook aan en voor willen werken.

Inmiddels ben ik op een leeftijd dat ik weet dat sommige dingen die me gemakkelijk afgaan juist bijzonder zijn. Eerst dacht ik dat iedereen dat wel kon of wist. Totdat ik er achter kwam dat dit niet het geval was. Toen kon ik echt talentgedreven aan het werk.

Onze tweede heeft een groot talent voor tekenen en kleuren. Maar zijn talent alleen is niet voldoende. De toelatingstest voor de kunstacademie werd als onvoldoende beoordeeld. Als dit is wat hij echt wil, zal hij om te beginnen zelf in zijn talent moeten gaan geloven. 

6.     Niet iedereen vindt je leuk, lief en aardig 

Wat je ook doet, er zijn altijd mensen die een hekel aan je hebben. Waarom? Daarom. Andersom geldt net zo goed, je vindt zelf ook niet iedereen leuk, lief en aardig. Mensen zien in jou wat ze willen zien. Kijk wat je leert van de mensen die jou niet aardig vinden en doe er je voordeel mee.

Kies daarnaast zorgvuldig uit met wie je jezelf omringt. Dat geldt privé maar voor je werk net zo sterk. Werken voor of met vervelende mensen kan altijd nog.

In je pubertijd wil je graag aardig gevonden worden door je vrienden en vriendinnen. Maar werk in een supermarkt, cafetaria of restaurant leert onze pubers dat je met alleen aardig gevonden worden niet verder komt. Voor jezelf opkomen, grenzen aangeven, nee zeggen: iedere werkdag leren ze meer loslaten wat anderen over ze denken. 

7.     Je kunt een advies volgen. Je kunt een advies ook naast je neerleggen. 

Ik heb het echt wel moeten leren. Adviezen naast me neerleggen. Stel dat die ander me dan niet meer aardig vindt?

Toen ik mijn bedrijf Liv had, kreeg ik regelmatig gevraagde adviezen. Maar nog veel vaker ongevraagde adviezen. Mensen hebben nu eenmaal graag een mening. Ook al weten ze niets over jouw omstandigheden of wat het beste is voor jou. Toen heb ik echt geleerd om adviezen naast me neer te leggen. Want ik was de ondernemer en het was mijn bedrijf, mijn missie, mijn gevoel en mijn geld.

Wat wie ook tegen je zegt of adviseert, besef altijd dat jij degene bent die de consequenties van een genomen besluit moet dragen.

Eigenlijk kan ik hierover nog steeds veel leren van mijn pubers. Zij kunnen namelijk als de beste adviezen naast zich neerleggen. En de gevolgen zijn altijd de schuld van een ander. Daarom geef ik ze zelden advies, hooguit een vriendelijke suggestie hoe het ook zou kunnen. Maar zeker niet met de intentie alsof ik de wijsheid in pacht heb. Stel je voor. 

En jij? Heb jij zo’n inzicht dat je dolgraag aan je kind mee wilt geven. Maar ‘beter doe je het toch maar niet?’ Laat het me even weten. Wie weet leidt het tot nieuwe inspiratie voor een blog!

Hartelijke groet,

Gerry de Valk

Maak nader kennis met jezelf. Leer begrijpen hoe jij op je krachtigst bent. Hoe jij als manager, teamcoach of professional het verschil kunt maken. Want weten wat je talenten en drijfveren zijn, helpt je bij het maken van jouw eigen plan. En zorgt ervoor dat je koersvast en met energie in het leven staat. Maar het allerbelangrijkste: dat je kunt staan voor wat je te doen hebt en krachtige keuzes kunt maken. Voor jezelf, voor je team en voor je organisatie. Ik help je graag!